In gesprek met Gerrit Jan KokTerug naar het overzicht

Gerrit Jan Kok

Op het gebied van Verkeer en Vervoer heeft 2011 veel vooruitgang gebracht in de regio Zwolle-Kampen. Infrastructurele verbeteringen zijn goed voor de economie en bevorderen duurzaamheid, constateert Gerrit Jan Kok, trekker van de programmalijn Bereikbaarheid en Mobiliteit van ZKN. ‘Hiermee maakt de regio zich op voor de toekomst’, zegt hij.


'Op weg naar een betere doorstroming'


Binnen de programmalijn Bereikbaarheid en Mobiliteit is in 2011 fors resultaat geboekt, zegt Gerrit Jan Kok. De gedeputeerde met Bereikbaarheid, Openbaar Vervoer en Financiën in zijn portefeuille vindt een aantal ontwikkelingen van belang. ‘Met name op het gebied van Verkeer en Vervoer en Infraprojecten. Zoals de verbreding van de N50 en de verhoging van de maximum snelheid op twee stukken naar honderd kilometer per uur. Daar hebben we vanuit de provincie ook extra in geïnvesteerd, in samenwerking met Zwolle en Kampen, met een heel succesvol resultaat.’

Pareltjes

Ook over het verbeterde traject tussen Zwolle, Kampen en Twente toont Kok zich tevreden. ‘We hebben volgende stappen gezet om de regio beter te verbinden met Twente. Kleine pareltjes in het snoer van de N35, maar wel van belang. Omdat ik zelf in Enschede woon maak ik dagelijks mee hoe belangrijk het is om de verbindingen over weg en spoor tussen de economische centra op orde te hebben.’
Van belang noemt Kok ook het doorontwikkelen van het Verkeersmanagement. ‘We willen toch proberen om mobiliteit in de hele regio beter op elkaar aan te laten sluiten. Mobiliteit is een breed begrip. Het gaat over verschillende weggebruikers die op verschillende manieren van A naar B willen. Die stromen moeten we in kaart brengen en op elkaar afstemmen, in combinatie met de wegwerkzaamheden die plaatsvinden. Zo bereiken we een zo goed mogelijke doorstroming. En ook actuele informatievoorziening draagt daaraan bij; dat voorkomt overlast en schade.’


'Weg, water en spoor goed combineren is de uitdaging voor de toekomst'
 

Duurzaamheid

Een goede doorstroming heeft betekenis voor duurzaamheid, zegt Kok. ‘Het legt de basis voor een sterke economie, maar ook voor goed samenleven. We willen stimuleren dat mensen uit de auto komen en met het openbaar vervoer gaan. Alternatieven bieden. Bijvoorbeeld door het spreiden van werktijden in het kader van Het Nieuwe Werken en door experimenten met de e-fiets, samen met het bedrijfsleven. Langere afstanden worden met die fiets overbrugbaar. Daar bereiken we meetbaar resultaten mee en dat vind ik mooi. Iedereen die uit de auto komt, is er één. Daar zit een milieuaspect aan, want we willen uitstoot verminderen. Het heeft ook een economische component. Hoe makkelijker mensen van en naar Zwolle en Kampen kunnen, hoe aantrekkelijker die steden zijn. Voor bedrijven om zich er te vestigen, voor consumenten om er te wonen, te werken en te ontspannen.’

Nek uitsteken

In 2012 vindt Kok vooral de komst van de Hanzelijn spannend, net als de herontwikkeling rondom de Spoorzone in Zwolle. ‘Spannend omdat het een enorme gebiedontwikkeling is middenin een economische recessie. We willen gezamenlijk de maatschappelijke opgave waarmaken. Alle partijen zijn bereid hun nek uit te steken om een knooppunt van nationaal belang te realiseren. Dat is van belang voor de huidige inwoners en het trekt ook nieuwe inwoners, bedrijvigheid en ontwikkelingen aan.’
Weg, water en spoor goed combineren en daarmee de kwaliteit van vervoer verhogen, dat is de uitdaging voor de toekomst, zegt Kok. ‘En dat is nooit klaar.’

Interview: Lydia Lijkendijk